Echo’s en onderzoeken

Vroege echo

Middels deze echo kunnen we zien of de zwangerschap zich in de baarmoeder bevindt en of het hartje van het kindje klopt. Ook kunnen we het kindje meten om zo meer informatie te krijgen over hoever je ongeveer zwanger bent. Verder kunnen we bevestigen of het om een eenling- of meerlingzwangerschap gaat. Deze echo kan via de buik of inwendig (vaginaal) gemaakt worden. Een inwendige echo kan in het begin van de zwangerschap beter beeld geven en dus meer duidelijkheid bieden. Een inwendige echo is niet pijnlijk of gevaarlijk. Je mag altijd aangeven als je moeite hebt met deze echo, dan kunnen we samen op zoek naar een passende oplossing. Soms kan de beeldkwaliteit beperkt zijn door bijvoorbeeld de ligging van het kind, het postuur van de moeder of door voorliggende darmen van de moeder.

Termijnecho

Aangezien alle kindjes de eerste weken even hard groeien, kan aan de hand van de lengte van je kindje berekend worden hoe oud hij is en wat de exacte uitgerekende datum is. Hiervoor wordt gekeken naar de lengte van de kruin tot de stuit. Tijdens de termijnecho wordt ook gekeken of het hartje klopt en of er sprake is van een eenling of een meerling. Als de echo er goed uitziet is de kans op een miskraam verminderd van 10% tot 1-3%. Deze echo kan in de meeste gevallen via de buik gemaakt worden, dit lukt het beste als je een volle blaas hebt. Een volle blaas wil zeggen: plas het laatste uur voor de echo niet meer en drink in dit uur nog wat. Soms hebben we uitwendig echter geen duidelijk beeld en zal de echo alsnog inwendig gemaakt worden.

Prenatale screening

Als zwangere heb je in Nederland de mogelijkheid om voor de geboorte te onderzoeken of er aanwijzingen zijn voor bepaalde aangeboren afwijkingen, dit noemen we prenatale screening.

Er zijn twee soorten screening: onderzoek naar Down-, Edwards- en Patausyndroom middels de NIPT. En het onderzoek naar lichamelijke afwijkingen: de 13 wekenecho en de 20 wekenecho. Of je wel of geen gebruik maakt van prenatale screening, mogen jullie zelf beslissen. Het maken van een keuze kan erg lastig zijn. Het is belangrijk dat jullie keuze past bij jullie eigen gevoel en ideeën over bijvoorbeeld de zwangerschap, jullie levenswijze en de afwijkingen zoals bijvoorbeeld het Downsyndroom.

In het begin van de zwangerschap bespreken we deze onderzoeken uitvoerig met jullie en begeleiden we jullie graag bij het maken van een keuze (namelijk het wel of niet laten uitvoeren van de onderzoeken). Vaak is het fijn om je voorafgaand aan de intake alvast in te lezen. Zo kunnen we jullie specifieke vragen over prenatale screening gericht beantwoorden tijdens de intake.

De NIPT

De NIPT is een bloedonderzoek bij de zwangere en wordt vanaf 11 weken uitgevoerd. Het laboratorium van het EMC onderzoekt het DNA en kan zo onderzoeken of er aanwijzingen zijn dat je kind Down- Edwards- of Patausyndroom heeft. Blijkt uit het bloedonderzoek dat het kind misschien Down- Edwards- of Patausyndroom heeft, dan is er vervolgonderzoek (prenatale diagnostiek) nodig om zeker te weten of het kind wel of niet de aandoening heeft.

De screening kan je misschien geruststellen over de gezondheid van je kindje. Maar het kan je ook ongerust maken, en je voor moeilijke keuzes stellen. De combinatietest en de NIPT geven geen zekerheid. Bij een verhoogd risico wordt prenatale diagnostiek aangeboden. Dit kan in de vorm van een vlokkentest (tussen 11- 13 weken) of een vruchtwaterpunctie (vanaf 15 weken). Soms wordt een

uitgebreide echo gedaan. Je bepaalt zelf of je van deze onderzoeken gebruik wil maken en of je bij een ongunstige uitslag nog vervolgonderzoek wil laten doen. Je kunt op elk moment stoppen met de onderzoeken.

 

Combinatietest

Let op: Vanaf 1 oktober 2021 komt de combinatietest te vervallen aangezien de 13 wekenecho onlangs is toegevoegd aan het screeningsaanbod.

De combinatietest is een veilige methode, waarmee de kans op een kind met Downsyndroom voor deze zwangerschap berekend kan worden. Dit onderzoek wordt uitgevoerd door een gespecialiseerd centrum waar je naar verwezen wordt. De combinatietest bestaat uit twee onderzoeken: – een bloedonderzoek tussen 9-14 weken in de zwangerschap – middels een echo wordt tussen 11-14 weken de dikte van de nekplooi gemeten bij het kind De uitslagen van deze onderzoeken, in combinatie met onder andere je leeftijd, zwangerschapsduur, bepalen hoe groot de kans is op een kind met Downsyndroom. Een verdikte nekplooi of bepaalde uitslagen in het bloedonderzoek kunnen ook duiden op andere aandoeningen, zoals het Patausyndroom (trisomie 13) en het Edwardsyndroom (trisomie 18).

Aanbevolen website: www.pns.nl

Aanbevolen folder: ‘Informatie over onderzoek op down- edwards- en patausyndroom

De 13 wekenecho en 20 wekenecho

Met de 13 wekenecho en de 20 wekenecho kun je tijdens de zwangerschap laten onderzoeken of het kindje lichamelijke afwijkingen heeft zoals een open rug of schedel. Er wordt uitgebreid gekeken naar o.a. hersenen, aangezicht, hart en grote bloedvaten, organen, botten en stand van de ledematen door een gespecialiseerde echoscopiste. Deze onderzoeken zijn geen garantie op een gezond kind. Niet alle afwijkingen worden voor de geboorte ontdekt. Soms worden er wel afwijkingen of bijzonderheden gezien die voor onzekerheden kunnen zorgen. Je komt dan in aanmerking voor een uitgebreide echo (GUO) of mogelijk een vruchtwaterpunctie om meer te weten over de afwijking. Als je gebruik maakt van de zorg in Nederland, betaal je niets voor de 13 wekenecho. De 20 wekenecho zit in het basispakket van uw zorgverzekering.

13 wekenecho valt binnen een wetenschappelijke studie
In Nederland kun je alleen kiezen voor de 13 wekenecho als je meedoet aan de wetenschappelijke IMITAS studie. Die studie onderzoekt wat de voor- en nadelen zijn van de 13 wekenecho. Aan de ene kant lijkt het goed om al vroeg in de zwangerschap te weten of het kind een ernstige lichamelijke afwijking heeft. Je hebt dan meer tijd voor extra onderzoek en om te beslissen wat je met de uitslag doet. Maar aan de andere kant kan een vroege echo misschien ook zorgen voor extra onrust en onzekerheid. Meedoen aan de wetenschappelijke studie betekent dat de onderzoekers uw gegevens mogen gebruiken. Je tekent hiervoor een toestemmingsformulier.

Verschil 13 wekenecho en 20 wekenecho
De 13 wekenecho en de 20 wekenecho lijken veel op elkaar. Bij beide onderzoeken bekijkt een echoscopist met een echo- apparaat of het kind lichamelijke afwijkingen heeft.

13 weken echo

  • Vroeg in de zwangerschap. Het kind is kleiner en minder ver ontwikkeld.
  • Sommige (ernstige) afwijkingen zijn wel te zien. Als er vervolgonderzoek nodig is, heb je meer tijd om te bepalen wat je met de uitslag doet.
  • De echoscopist kijkt niet of het kind een jongen of meisje is

20 wekenecho

  • Later in de zwangerschap. Het kind is groter.
  • Er zijn meer details te zien. Als er vervolgonderzoek nodig is, heb je minder tijd om te bepalen wat je met de uitslag doet.
  • De echoscopist kan meestal zien of het kind een jongen of meisje is. Je krijgt dit alleen te horen als je hier zelf om vraagt.

Aanbevolen website: www.pns.nl

Aanbevolen folder: ‘Informatie over de 13 wekenecho en de 20 weken echo

 

 

Groeiecho

Mocht het nodig zijn dan wordt er tijdens de zwangerschap een groeiecho gemaakt. Deze echo wordt alleen op medische indicatie uitgevoerd. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn bij een verwacht groot kind of juist klein kind of wanneer er factoren zijn die de groei van het kindje kunnen beïnvloeden. Deze echo wordt meestal tussen 28 en 34 weken gemaakt bij echocentrum Palet.

Liggingsecho

Rond de 35-36 weken zwangerschap wordt op onze praktijk de liggingsecho gemaakt om vast te stellen of het kindje in hoofdligging of stuitligging ligt. Meestal is dit in hoofdligging maar bij een klein aantal baby’s (3-4%) ligt het kind in stuitligging.

Wanneer het kind in stuit ligt zullen we jullie uitgebreid uitleg geven over de keuzes die er dan gemaakt kunnen worden.

Belangrijk

Op onze praktijk beschikken we over een eigen echo- apparaat. Marieke, Marjolein, Silvia & Simone zijn bekwaam in het maken van echo’s. Alle echo’s die bij ons op de praktijk gemaakt worden, worden vergoed door de zorgverzekeraar. Er worden op onze praktijk tijdens de zwangerschap meerdere echo’s verricht, te weten de vroege echo, de termijnecho en de liggingsecho. Het echocentrum Palet of het Albert Schweitzer ziekenhuis verzorgen de medische groeiecho’s en de 20 wekenecho.

Wij maken in onze praktijk geen pretecho’s. Een echo is altijd een momentopname en biedt nooit garantie. Als er geen afwijkingen geconstateerd worden tijdens het echoscopisch onderzoek is dit nooit een garantie dat er geen afwijkingen aanwezig zijn. Tijdens de echo wordt er met uiterst aandachtig gekeken naar jullie kindje. Echter, de echo’s op onze praktijk geven een algemeen beeld over de gezondheid van jullie kindje. Dit betekent dat grote afwijkingen opgemerkt kunnen worden, maar niet alle afwijkingen (zichtbaar of niet zichtbaar) gezien zullen worden. Dit is ook niet de specifieke indicatie van de echo’s op onze praktijk.

Als er wél bijzonderheden of afwijkingen zichtbaar zijn, zullen we deze aan jullie melden en hierop passend beleid maken. De ervaring leert ons dat de meeste zwangeren informatie willen over mogelijke afwijkingen van hun ongeboren kindje. Wanneer jullie hierover echter niet geïnformeerd willen worden, dan is het verstandig dit voor het echoscopisch onderzoek duidelijk kenbaar te maken aan ons.

Er zijn verschillende redenen waarom een echo gemaakt wordt tijdens de zwangerschap. Belangrijk om te weten is dat je nooit verplicht bent een echo te laten maken.